Dec 22
Winterpret op de Kneppel (2)
In de eetkamer van mijn ouders hingen lange tijd twee schilderijtjes met winterlandschappen. Schaatsende jongelingen in beige mallots en rode dassen, Friesche doorlopers en het hoofd voorover. Op een bevroren meer met besneeuwde oevers. En huizen aan de dijk. Het zou Gellicum kunnen zijn geweest. Gezien vanaf de Put. Zelden ben ik zulke mooie winterplaatjes tegen gekomen.
Zelf heb ik vooral op de Rumptse wielen en de Linge geschaatst. Maar van het landschap zag ik niks. Of nee, laat ik het zo verwoorden: ik zag dat er sneeuw lag, maar keek er niet naar. We schaatsten van Rumpt naar Asperen. We bleven even hangen in Gellicum en gingen verder.
Wel keek ik continu naar het ijs. Zodra ik aankwam bij een plas of riviertje waar ijs lag en al dan niet mensen aan het schaatsen waren, ging ik op de kant zitten en trok ik mijn schaatsen aan. Als je dit soort dingen doet op onontgonnen schaatsplekken, zak je wel eens door het ijs. Daarom inspecteerde ik het al voor ik bij de kant was. Donker ijs was goed. En ik hield me altijd goed vast aan iets aan de rand van het water.
Maar verder zag ik niks. Ook wanneer ik schaatste, keek ik nagenoeg uitsluitend naar de vierkante meter ijs voor me. Ik heb waarschijnlijk diverse koek-en-zopietenten gemist. De snelheid die de zekerheid van donker, ogenschijnlijk sterk ijs me gaf, maakte veel goed. En nu vervloek ik de sneeuw. Waaronder ijs nauwelijks groeit. Ondanks dat het een mooi gezicht is. Want ik wil zo graag schaatsen, hier in Utrecht.
Comments are off for this postNo Comments
No comments yet.
RSS feed for comments on this post.
Sorry, the comment form is closed at this time.