Archive for May, 2008
Dub Trio spacet als een Jamaicaan
Een scenario. Metallica is een instrumentaal powertrio dat in 2008 zijn Master Of Puppets uitbrengt. De voornaamste invloeden van de band zijn Faith No More, Primus en het Tool van de jaren negentig. En Lars Ulrich en Cliff Burton (want die leeft in dit scenario nog) overwinteren elk jaar samen op Jamaica. Daar raken ze bevriend met dubproducer King Tubby. Ze besluiten hun derde plaat in Kingston op te nemen, met grotendeels eigen apparatuur, maar met de Jamaicaan achter de knoppen. Scientist doet de space-echo’s. Mike Patton zingt één nummer.
Werkelijkheid. Eindelijk is er een nieuw superpowertrio. Another Sound Is Dying is het derde studioalbum (het vorige was het waanzinnige New Heavy; daarna verscheen nog een liveplaat, getiteld Cool Out And Coexist). Vorig werk was al verrassend. Maar wat gitarist DP Holmes, bassist Stu Brooks en drummer Joe Tomino hier samen met producer Joel Hamilton neerzetten, is adembenemend. Wat een prachtplaat. Metal meets dub en niet op een kinderachtig niveau. Veertien nummers lang. Van drie supercreatieve topmuzikanten. Virtuoos op hun instrument én op hun effectenrack. Effecten die je kent van elke goede dubplaat uit de jaren zeventig: echo’s op de snare en slaggitaar, gekke eq-instellingen, holle baslijnen, psychedelisch, weet je wel? Overigens doet zelfs drummer Tomino op het podium zijn eigen sounds, heb ik me laten vertellen. In de studio weet hij er in ieder geval wel raad mee. Net als de rest. Grooven doet het ook. En beuken. En dan weer rustig verder, subtiel op het midden van de hihat, met de bas diep in de mix en de gitaar licht overstuur. Mike Patton zingt, net als op New Heavy, één nummer mee. Het moet raar lopen, wil er dit jaar nog een leukere plaat uitkomen.
Gitarist DP Holmes werkte met onder anderen Mos Def en Common, Joe Tomino met The Fugees en bassist Stu Brooks met 50 Cent, Tupac Shakur, Mobb Deep en Macy Gray. Het debuut Exploring the Dangers of Dub Trio verscheen in 2004.
Comments are off for this postLekker middagje gebast bij Goed Volk

Rookverbod in juli: de Arena
Is een voetbalstadion een horecabestemming? Mag je straks ook niet meer roken in de Arena? Bij The Police stond vorig jaar de hele rechtertribune blauw. En voor de voetballer is het evenmin een pretje. Tegen beter weten in meeroken met je supporters. Dus eigenlijk wás het al uiterst laakbaar dat rokers in een voetbalstadion hun gang mochten gaan.
Overigens verwacht ik na 1 juli opstootjes in onze clubs en concertzalen. Velen zullen zich niet aan een dergelijk verbod houden en doorgaan met roken tot iemand er iets van zegt. En waar iemanden er iets van zeggen, vallen spaanders. Dus dat wordt matten. Zeker als er wél nog gedronken mag worden. Een dronken roker in het nauw is minimaal zo onvoorspelbaar als een heroïnejunk die aan zijn cold turkey is begonnen.
Maar ik zit niet op meer beveiliging te wachten. Geen politieagenten in de Heineken Music Hall. Geen gewapende security in onze clubs. Blijf maar lekker in de stadions. Daar heb je werk genoeg.
Comments are off for this postCashen
De vijf best betaalde bestuurders van ons land mochten vorig jaar 132 miljoen euro aan bonussen cashen. Da’s vierduizend keer modaal, zeg maar. En dat ondanks de Code Tabaksblat. Het zijn Rijkman “What’s In A Name” Groenink (ex-ABN AMRO), Jan Bennink (ex-Numico), Jeroen van de Veer (Shell), Gary Pruitt (Univar) en Zach Miles (Vedior).
De twee eerstgenoemden waren samen goed voor 100 miljoen euro aan boni. Gnuivend deden de heren vorig jaar ’hun’ toko van de hand aan respectievelijk Fortis en consorten en Danone.
Al geruime tijd schreeuwen de koppen van economische katernen dat de BV Nederland in de uitverkoopbakken ligt. En dat dat een ramp is voor onze economie, al die mooie Hollandsche concerns in buitenlandse handen. Lijkt me een hoop hype en grotendeels onzin. Maar je wordt er als topman in ieder geval goed voor betaald. Wat ons koopkrachtgemiddelde weer aanzienlijk verbetert. En dat is juist goed voor onze economie. Ik zou zeggen: verkopen die handel!
Comments are off for this postWaterschaarste in Spanje, maar wij spoelen nog een keertje door
Voor het eerst in tien jaar lukte het onze bouwers in 2007 om minimaal zoveel huizen op te leveren als de overheid nodig achtte. De woningnood is groot in ons land. Het is normaal geworden dat de nieuwbouwproductie achterblijft bij de vraag. Ik ben blij dat ik een huis heb.
Wat me nog meer verbaast is dat in nieuwbouwhuizen nog steeds drinkwater wordt gebruikt om de plee mee door te spoelen. Hoe moeilijk is het om in dit land zoveel regen op te vangen dat we al onze shit op een verantwoorde wijze naar het riool kunnen begeleiden? Genoeg voorbeelden, zou je denken. Overal in het land hebben de spaarzame voorlopers een regenwaterinstallatie. Maar nee, nieuwbouw mag nog steeds niet slim. Wat bedoelt ons kabinet dan wél met aandacht voor het milieu?
Neem nou Spanje, waar het iets minder regent. Daar wordt inmiddels oorlog gevoerd om water. Stuwmeren zijn nauwelijks voor de helft gevuld. De schaarste is groot. De alarmfase in zicht. Water is nu inzet van de politieke strijd. Van een overheid die haar onderdanen niet meer allemaal van het noodzakelijke vocht kan voorzien. In Italië verdorden vorig jaar de akkers.
En wij? Wij laten de kraan openstaan als we onze tanden poetsen (die mensen heb je, echt!). Wij vinden wat etensrestjes in de pleepot verschrikkelijk, dus hup, nog twee keer spoelen. Twee keer een hoeveelheid water, waarvan een boer in India drie dagen kan leven.
Over een poosje vechten de Chinezen in Zuid-Amerika om de zoetwatervoorraad. In Denemarken is het internationale watermisbruiktribunaal. Alle nog levende Nederlanders van de voorlaatste generatie staan terecht. En wat moeten we zeggen om ons hier te verdedigen? “Edelachtbare, mijn gras werd geel! Ik kon mijn gazon toch niet laten verdorren? Wat denkt u dat de buren zouden hebben gedacht?”
Comments are off for this postLiedje van de week: Ebony Eyes (Stevie Wonder)
Vanavond de baspartij van Stevie Wonder’s Ebony Eyes ingestudeerd. Wat een vrolijk nummer is dat toch. Zouden meer mensen moeten doen. Het staat op Songs In The Key Of Life uit 1976. De baspartij door Nathan Watts lijkt simpel, maar is vooral qua timing erg tricky. Het akkoordenschema is daarentegen heerlijk bassistvriendelijk. En er zit een leuke opbouw naar het slotakkoord in. Voor wie geen noten kan lezen, maar ze wel op de toets kan vinden, hier is het simpele, maar doeltreffende loopje: G – B – C – Cis – D – E – Fis. Let vooral op de timing ten opzichte van de zanglijn. Als je op het playknopje hieronder klikt, kun je de eindpassage van Ebony Eyes horen.
En we hebben een nieuwe favoriet: Agricola
Dé grote hit van Spiel 2007 was Agricola van Uwe Rosenberg (Boonanza). Heb het vanavond voor het eerst gespeeld. En echt: hooglijk terecht dat dit al op nummer vijf in de Board Game Geek Top 100 staat. Nog voor het spel goed en wel vertaald is, nota bene. Wat een vondst!
In Agricola ben je een boer in het Duitsland van 1670. Je hebt een vrouw (of man) en een houten hutje met twee kamers. Je speelbord is een groot grasland. Hierop moet je je huisje uitbreiden, akkers verbouwen, weilanden afbakenen en stallen neerzetten. Je kunt je gezin uitbreiden met maximaal drie kinderen, allemaal goed voor een extra actie (je begint dus met twee acties, één voor je boer en één voor zijn vrouw) én punten aan het eind van het spel. Wie de meeste punten heeft, is de winnaar.
Maar pas op. Om je mensen aan het werk te houden, moet je ze wel voorzien van voedsel. En dit is redelijk schaars. Wees dus niet te snel met je voortplanting, anders heb je een probleem. Om meer voedsel te krijgen, kun je bepaalde hulpmiddelen aanschaffen, zoals een oven of een waterput. Maar dit kost veel grondstoffen, zoals steen en hout, of leem en riet. Grondstoffen die je ook nodig hebt om weilanden aan te leggen, stallen te bouwen, je huis uit te breiden of te upgraden naar bijvoorbeeld leem of steen.
Het spel verloopt over veertien ronden. Om de zoveel ronden is er een oogstfase, waarin je je mensen te eten moet geven en waarin je je dieren moet laten jongen en je akkers graan of groenten opleveren. Allemaal goed voor voedsel of voor punten aan het eind van het spel. Deze puntentelling zit zodanig in elkaar dat je je niet zomaar op een niche kunt richten. Je krijgt bijvoorbeeld minpunten als je alleen maar runderen hebt gefokt en geen akkers hebt verbouwd.
Je moet dus van alles een beetje doen en het liefst van alles zoveel mogelijk. Hierin schuilt de kracht van het spel: timing is everything! Want als een medespeler een akker aanlegt, kun jij dat die ronde niet meer doen. Je kunt je tegenstanders dus uitzonderlijk goed naaien, door precies die actie uit te voeren die iemand anders hard nodig heeft om aan voedsel, grondstoffen, vastgoed of kinderen te komen. En voor je het weet, is het weer tijd om te oogsten en moeten de monden worden gevoed.
Met Agricola heeft Uwe Rosenberg in het genre een nieuwe standaard gezet. Het is een bordspel voor één tot vijf spelers. Wij speelden het met zijn drieën. Dat is een prima aantal, misschien wel een ideale setting. Het duurt even voor je door hebt hoe je het spel slim kunt spelen. Maar het verloopt erg vlot en is geen seconde langdradig. Ook ziet het er prachtig uit. Het vereist wat voorbereiding, vergelijkbaar met Puerto Rico, maar dat is een minimale investering voor zoveel plezier. Agricola is vorige week in Nederland op de markt gebracht door 999 Games. Zullen ze geen spijt van krijgen.
Comments are off for this post