Archive for February, 2006
Op mijn blote knieën dank ik de farmamaffia
Want antibiotica zijn een zegen. Mijn keel doet nog wat zeer bij het slikken, maar de grootste zwellingen zijn verdwenen en… ik kan weer praten. Toch ook best fijn, om niet alle communicatie met je lief via gebarentaal en messenger te laten verlopen. Of om jezelf niet langer op te hoeven fokken in een oertaal die niemand meer spreekt.
Straks het negende of tiende deel van Rome (ik weet niet of de dubbele eerste aflevering een pilot was of gewoon twee delen achter elkaar). Ik zal nog even op zoek gaan naar een mooi rechtenvrij plaatje.

Nu al een nacht die nooit lijkt te eindigen
De keelpijn houdt me verdomme uit mijn slaap. Zoet of zout, vraag ik me steeds af. Moet ik gorgelen met zout water of een lekker zoet waterijsje eten? Beide helpen een beetje. Maar ook niet meer dan dat. Ik besluit een limonadebeker met ijsklontjes te vullen. Morgenochtend om tien uur heb ik een afspraak bij de dokter. Ik sta open voor alles: antibiotica, pijnstillers, snijden, spuiten, maakt niet uit. Als het maar goed gebeurt en, minstens zo belangrijk, meteen! Het is net half drie geweest en het is koud in huis. En stil. In mijn keel is het kermis: opgezwollen klieren die hun weg zonder succes naar buiten lijken te zoeken en de ene ontsteking die op de andere klopt waardoor ik na elke keer slikken grommend rechtop in mijn bed zit. En de tijd staat bijna stil. Dit wordt een lange nacht!
Comments are off for this postZiek zijn zuigt
Niet echt lekker dit. Werd gisterochtend wakker met zo’n dikke keel dat ik nauwelijks kon ademen. Verder barstende koppijn, pijn in mijn rug, pijn in mijn borstkas, de longen uit mijn lijf hoestend en 39 graden koorts, steady. Dus mochten er mensen zijn die hier wel eens wat lezen, voorlopig hou ik het hier even bij.
5 commentsWhat The #$@!*% Do We Know?
Was enorme kutfilm. Docudramadocu op zijn Amerikaanst. Veel weinigzeggende theorieën over werkelijkheidsbeleving, zogenaamd onderbouwd door harde waarheden uit de quantummechanica, maar eigenlijk niet meer dan een lange reeks af en toe absurd speculatieve uitspraken over verleden en toekomst en de mogelijke werking van het menselijk lichaam, met name de hersenen. Clichébeelden, kort-door-de-bocht-benaderingen van in aanleg best mogelijk interessante ideeën, maar zo pretentieus gebracht en zo vol geveinsde wijsheid dat het gebrek aan daadwerkelijke eye-openers al snel gaat irriteren. En ook de overkinderlijke uitleg van wetenschappelijke ontdekkingen, van nieuwe ‘feiten’, is moeilijk te verdragen. Je krabt je werkelijk achter je oren als je de animaties ziet van levende cellen. Ze zouden niet hebben misstaan in de gemiddelde Amerikaanse kinderreclame. Tel daar een soundtrack bij op die voor een aanzienlijk deel bestaat uit muziek van oude B-rockbands en je hebt een stomvervelende kutfilm. Of genuanceerder gezegd: een pseudo-wetenschappelijke documentaire die eigenlijk te slecht is om nog voor camp door te kunnen gaan, mocht dat gewaardeerd worden.
De gesprekken daarna werden bij grote regelmaat onderbroken door kreten uit de tv als:
SMS “NAT” naar 5006!
en
SMS “BLOND” naar 5006!
En dus moesten we concluderen dat de wereld inderdaad platter aan het worden is. Desondanks was het wederom een fijne avond. Want ook samen kankeren op een kutfilm kan heel gezellig zijn;-)
Comments are off for this postNet afgemaakt stukje uit mijn roman-to-be
Voor wie niet meeleest, heb ik een korte passage gekoppiepeest uit het verhaal dat ik aan het schrijven ben.
Uit hoofdstuk 8:
Snel doet hij het kleine klapraampje van zijn kamer open. Gezeik, denkt hij, als hij zich Johnny voor de geest haalt die hem weer komt vertellen dat hij op zijn kamer niet mag roken. Ja, Johnny, waar was die eigenlijk vandaag? Als hij zijn peuk uit het raam heeft geduwd, pakt hij zijn horloge van het bed. Het is kwart voor één. Kut, ze zijn al aan het eten, denkt hij. Jonathan besluit later te gaan, bang voor de starende blikken van zijn medepatiënten bij het betreden van de eetkamer. Later, als iedereen weg is. Hoeft hij ook niet te bidden. Of nou ja, bidden… gepast stil zijn. Hij trekt zijn gympies aan, loopt naar de rookruimte en schenkt een glas koffie in. Nagenoeg koude koffie, want de deksel van de zwarte bemorste thermoskan zit los. Alles gaat in glazen hier, valt hem op. Koffie, thee, sinaasappelsap, druivensap, soep, sinas. Waarom wordt hier eigenlijk geen cola gedronken? vraagt hij zich af. Hij doet twee papieren buisjes suiker en een buisje melk bij zijn koffie en begint zo driftig te roeren dat hij op zijn joggingbroek knoeit. Dan is hij met zijn gedachten weer bij het verraad. Hij steekt nog een Camel op en kijkt dan naar de jongen met de blauwgroene honkbalpet. Die zit tegen de achtermuur van het vertrek, wippend op een houten stoel met een rood kussen. En heeft kennelijk ook geen behoefte om met de groep te eten. Hij rookt Javaanse Jongens halfzwaar en heeft zich zeker een week, misschien langer, niet geschoren.
Jonathan staat op. De jongen negeert hem. Jonathan staart door de grote ruit van de gezelschapsruimte naar het gras en de heg buiten, het veldje in aanplant. Hij kijkt naar de lucht, de donkere wolken van waaruit zeker nog die avond regen zal vallen. Hij denkt aan Merwin. Die nu waarschijnlijk dood is. Terwijl zijn vrouw hém, Jonathan, nodig heeft. Hij zal de oude vrouw moeten troosten. En hij zal duizend keer sorry moeten zeggen. Hij zal bij haar moeten gaan wonen en voor haar moeten zorgen. Haar moeten bevredigen tot hij erbij neervalt. Dat is hij hem verschuldigd. Dat is hij hun verschuldigd. Want hij heeft Merwin vermoord. Gewoon door hem te verraden.
“Hé, zoek je wat?” Jonathan schrikt en kijkt naar de ogen onder de pet. Die knipperen kalmerend, maar staan wild. Boos.
“Hé”, zegt Jonathan. “Hoe gaat het?”
“Ik dacht eerst dat je een grote sukkel was, maar nu zie ik dat je net zo bent als ik.”
Jonathan schrikt, maar krijgt niets uit zijn keel. Hij kucht een keer, schraapt nog eens om zijn vraag te herhalen, maar bedenkt zich dan. “Hoezo? In welk opzicht?”
“Je bent ook in staat om te zien wat er fout gaat.”
“Ik weet niet waar je het over hebt”, zegt Jonathan. Hij zwijgt even en kijkt de jongen aan. “Wat fout gaat? D’r gaat toch niks fout? Waarom zit jij hier?”
“Ik heb een vriend van me zien doodgaan. Vorige week. Out door het blowen, en daarna nooit meer wakker geworden. Het bloemetje gezien en pats, weg.”
Jonathan krijgt een beeld van een in hoog tempo groeiende bloem die bestaat uit cirkels die steeds toenemen in aantal en veranderen van kleur. Het bloemetje zien en dan sterven, denkt hij. Hij kijkt naar het gezicht onder de pet. “Had jij ook geblowd?”
”Ja, en ik heb het bloemetje ook gezien. Daarom zit ik hier.”
“Ik heb een medesjamaan verraden.”
“Ja, dat dacht ik al, toen je daarnet voor dat raam naar de lucht stond te kijken. Maar een sjamaan is gewoon een therapeut hoor. Die betaal je om jou te helpen. Meer niet.”
“Ja.” Jonathan begrijpt het niet. Moest hij Merwin dan betalen voor de droom? Was dat het? En wat wist deze gozer hiervan? Was hij op de hoogte? Was hij soms belast met de beveiliging van dit geheim? Even krijgt hij een heldere gedachte. De vriend van de pet was doodgegaan na het blowen, had hij net gezegd. Maar dat kon helemaal niet, weet Jonathan. Dat was nog nooit gebeurd. De pet had gelogen. En voor Jonathans geestesoog verschijnt een jongen op een matras die na een etmaal slaap langzaam overeind komt en om zich heen kijkt. Hij zoekt de pet, denkt Jonathan. Maar de pet was al doorgedraaid en vertrokken. De pet had zich schromelijk vergist en was daar nu de dupe van.
“… en als je een therapeut betaalt voor zijn diensten, valt er niets te verraden”, klinkt het uit de mond van de jongen met de honkbalpet. Jonathan is er weer bij. Hij kijkt naar de kleren van zijn medepatiënt. Spijkerbroek, All Stars eronder, t-shirt met DRUGS ARE DOPE erop, geknoopt armbandje van leer. Geen horloge. Openhangend spijkerjack in bijna hetzelfde blauw als zijn broek.
“Ik zal me even voorstellen. Ik heet Jonathan, en jij?”
“Ik heet geen Jonathan”, zegt de pet. Hij glimlacht. Jonathan moet ook lachen, zij het enigszins gemankeerd. “Loop even met me mee”, zegt de jongen. Waarna hij Jonathan voorgaat, de hal in loopt en de deur naar de binnenplaats opendoet.
“Hierheen”, fluistert hij, terwijl hij Jonathan een tikje op zijn onderarm geeft. Het is koud en door de donkere bewolking lijkt het wel alsof de schemering zich aandient.
Comments are off for this postPlaten van 2005 (1)
Van jaarlijstjes hou ik niet zo. Maar over 2005 zijn wel twee platen blijven hangen die ik graag nog even voorleg. Om te beginnen was daar begin van het jaar de nieuwe Mars Volta, het tweede volwaardige album en opvolger van De-loused In The Comatorium. Een waardige opvolger is een understatement. Het is voor mij de eerste muzikale standaard die dit millennium is gezet.
Destijds was ik zo onder de indruk van de plaat dat ik er voor de lol een recensie over schreef:
The Mars Volta
Frances The Mute
Tering! Dit is zonder twijfel dé rockplaat van het jaar. Rock? Ja, in de breedste zin van het woord, maar je kunt het ook jazzmetalsymfopunk noemen. En toch, de invloed van bestaande bands op de opvolger van debuut De-loused In The Comatorium en het daarvoor verschenen mini-album Tremulant is nauwelijks in kaart te brengen. Misschien is dat ook maar goed. Een vergelijking met om het even welke act zou the Mars Volta tekort doen. Want zelden hoorde je in deze eeuw een zo eigen geluid als dat van deze club. Cubaanse ritmes, snoeiharde en messcherpe gitaarriffs, speelse en soms indringende basloopjes, complexe, maar toch open arrangementen, verstilde momenten, totale chaos, gedreven uitbarstingen, meeslepende melancholie, zelden was een album zo in balans. En zelden zo vol emoties, terwijl weinig zangers zo met hun expressie kunnen overtuigen als Cedric Bixler Zavala. Zo goed, zo indringend. Zo dynamisch en zo rauw. Luister naar The Window, met zijn sfeervolle trompetten (Flea), prachtige zanglijnen en superopbouw, luister naar Multiple Spouse Wounds, de reprise die het begrip ‘geheugensteuntje’ meters oprekt. Als er ooit een INYOURFACE!-award komt, zal deze plaat hem winnen. Ze zijn bijna Mexicaans, deze kunstenaars. El Paso, Texas, daar komen ze vandaan. Steenworpje van de grens. Gelukkig is the Mars Volta ontsnapt aan het zuiden, om er slechts af en toe muzikaal naar terug te keren. En geven zij met hun tweede langspeler een nieuwe betekenis aan het begrip fusion. Aan muziek.
Later zal ik mijn andere favoriete plaat van 2005 aan je opdringen.
Comments are off for this postEindelijk Risk
Sinds ’99 weer Risk gespeeld. Uiteraard met de Alphense Boys (“Alphen aan den Rijn / Alphen aan den Rijn / Je hebt Alphen / Je hebt de Rijn / Je hebt Alphen aan den Rijn“). Niet gewonnen, wel het hele potje lang Noord-Amerika bezet gehouden. Is ook wat waard. Blijft een goed spel. Eigenlijk zouden ze een soort van economisch Risk moeten maken. En dan hopen dat je China hebt. En dan de dollar uiteraard laten devalueren. Wat sowieso wel zal gebeuren. Vroeger of later, met een zachte landing of met een crash… liever niet dat laatste. Sommige deskundigen denken zelfs dat de ware reden voor Bush om Irak binnen te vallen besloten lag in het voornemen van Hoessein om zijn olie in euro’s te laten uitbetalen in plaats van in dollars. Bush was bang dat de hele Arabische wereld de Irakees in sneltreinvaart zou volgen. Maar da’s een heel ander verhaal…
2 comments